gal: geen waardwisseling, alleen uredinia en telia. Uredinia klein, gelig, beiderzijdig, zonder paraphysen; urediniosporen kort-oval met 2-3 moeilijk herkenbare kiemporen. Telia eveneens beiderzijdig,vaak in een kring rond de uredinia, zwart, compact, bedekt door de epidermis, omgeven voor cylindrische bruine praphysen; teliosporen eencellig, 15-18 x 20-28 µm.
gall: no host alternation, only uredinia and telia. Uredinia small, yellowish, amphigenous, without paraphyses; urediniospores short-elliptic with 2-3 very inconspicuous germination pores. Telia also amphigenous, often encircling the uredinia, black, compact, covered by the epidermis, surrounded by cylindrical brown paraphyses; teliospores one-celled, 15-18 x 20-28 µm.
synoniemen: Nielsenia sclerochloae (Tranzschel) Sydow, 1921.
synonyms: Nielsenia sclerochloae (Tranzschel) Sydow, 1921.
literatuur:
references:
Brandenburger (1985a: 775), Gäumann (1959a), Klenke & Scholler (2015a).
31/12/2016