Bucculatrix demaryella (Duponchel, 1840)

Lepidoptera, Bucculatricidae

Betula pubescens, Duin en Kruidberg

Bucculatrix demaryella mine

Betula pubescens, Duin en Kruidberg

mijn De mijn begint bij een ovaal, onderzijdig ei. Van daar een voldiep kort gangmijntje, vaak langs de hoofdnerf of een dikke zijnerf. Het grootste deel van de mijn met een brede frasslijn. De larve verlaat al vrij spoedig de mijn, en vreet dan vensters, later gaten in de bladeren. De frass-loze ruimte in de mijn waar de larve heeft gezeten (de larvekamer) is meer dan driemaal zo lang als breed. Verpopping in een bruingrijze, spoelvormige cocon met ca 10 scherpe lengteribbels.

mine The mine begins at an oval, lower-surface egg. Here begikns a short, full depth corridor, often along the midrib or a thick vein. Most of the mine with a thick frass line. The larva soon leaves the mine, and starts causing window-feeding, later earing holes in the leaf. The larval chamber (the space occuped by the larve, while in the mine, obviously free of frass) is more than three times as long as wide. Pupation in a slender, greyish brown cocoon with c. 10 sharp length ridges.

waardplanten: Betulaceae, oligofaag

hostplants: Betulaceae, oligophagous

Betula nana, pendula, pubescens; Corylus avellana.

In de Benelux hoofdzakelijk (uitsluitend?) op berk. Patočka (1996a) en Biesenbaum (2010a) noemen nog Acer, Aesculus hippocastanum en Castanea sativa, maar het is niet duidelijk of dit geen xenophagie betreft.

In the Benelux mainly (exclusively?) on Birch. Patočka (1996a) and Biesenbaum (2010a) additionally mention Acer, Aesculus hippocastanum, and Castanea sativa, but this maty refer to cases of xenophagy.

fenologie Twee generaties; overwintering als pop.

phenology Bivoltine; hibernation as pupa.

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX waargenomen (Ellis: Dedelange).

BENELUX

BE recorded (Phegea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX recorded (Ellis: Dedelange).

verspreiding binnen Europa Europa, uitgezonderd het Iberisch Schiereiland, delen van het Balkan-Schiereiland en de Middellandse Zee-eilanden (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe Europe, except the Iberian Peninsula, parts pf the Balkan Peninsula, and the Mediterranean Islands (Fauna Europaea, 2009).

larve De minerende larve is lichtgeel met donkerder kop (de vrijlevende larve is grijsgroen).

larva The mining larva is pale yellow with a darker head (the free living larva is grey green).

pop Beschreven door Patočka (1996a), Patočka & Turčáni (2005a).

pupa Described byPatočka (1996a), Patočka & Turčáni (2005a).

Jonge mijntjes van de gewone Rhamphus pulicarius kunnen bedriegeliijk lijken op demaryella-mijnen, vooral wanneer ze, zoals nogal eens voorkomt, in een nerfoksel liggen. Rhamphus-mijntjes hebben echter nooit een gaatje omdat de larve in de mijn blijft. Hieronder een paar ©'s van de dubbelganger:

Young mines of the common Rhamphus pulicarius may deceivingly resemble demaryella mines, especially when they are situated in a vein axil, as often is the case. Rhamphus mines never have an exit hole, because the larva remains in the mine. Below a few pictures of the look-alike:

Rhamphus pulicarius op Betula pendula, Rheden: mijn in opvallend en doorvallend licht

Rhamphus pulicarius mine Rhamphus pulicarius mine

Rhamphus pulicarius on Betula pendula, Rheden: mine lighted from above and from behind

Zelfde mijn, detail: een Rhamphus-mijn bevat altijd een larve.

Rhamphus pulicarius mine

Same minem detail: a Rhamphus mine invariably contains a larva.

literatuur

references

Ahr (1966a), Bengtsson & Johansson (2011a), Biesenbaum (2010a), Buhr (1964a), Burmann (1991a), Buszko (1987a, 1992b), Emmet (1985a), Gielis, Huisman, Kuchlein, van Nieukerken, van der Wolf & Wolschrijn (1985a), Hering (1934b, 1957a), Huemer (1986b, 2012a), Huisman & Koster (1999a), Klimesch (1937b, 1950c, 1956a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Kurz & Embacher (2012a), Maček (1999a), Nowakowski (1954a), Patočka (1996a), Patočka & Turčáni (2005a), Pinzari, Pinzari & Zilli (2013a), Robbins (1991a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Svensson (1971a), Szőcs (1977a), Tomov & Krusteva (2007a), Viramo (1962a), Zoerner (1969a, 1970a).

10/11/2014