Ectoedemia hendrikseni A & Z Laštuvka & van Nieukerken, 2010

Lepidoptera, Nepticulidae

mijn Kort, smal, kronkelend gangetje, abrupt overgaand in een grote voldiepe afgeronde blaas. Frass vult het gangetje vrijwel volledig; in de blaas ligt het overwegend langs de zijden van het oudste deel van de mijn. Verpopping buiten de mijn.

mine Short, narrow, contorted corridor, abruptly widening into a large, rounded, full depth, blotch. Frass almost completely filling the corridor; in the blotch most frass is compacted along the sides of the oldest part. Pupation external.

waardplanten: Fagaceae, nauw monofaag

hostplants: Fagaceae, narrowly monophagous

Quercus coccifera.

fenologie Larven zijn gevonden in maart.

phenology Larvae found in March.

verspreiding binnen Europa Frankrijk (Alpes Maritimes, Var).

distribution within Europe France (Alpes Maritimes, Var).

larve Groen.

larva Green.

opmerkingen De mijn is practisch niet te onderscheiden van die van E. suberis; de larven daarvan leven echter een paar weken later.

notes The mines are practically indistinguishable from those of E. suberis; however, the larvae of that species live a few weeks later.

literatuur

references

van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2010a).

modif. 20.i.2010