Ectoedemia minimella (Zetterstedt, 1839)

Lepidoptera, Nepticulidae

Betula pubescens, Berkel en Rodenrijs, Ackerdijkse Plassen

Betula pubescens, Berkel en Rodenrijs, Ackerdijkse Plassen

mijn Mijn begint met een bol, zwart, onderzijdig eischaaltje. Vandaar een kort, sterk gekonkeld gangetje, overgaand in een blaas, vaak begrensd door twee zijnerven. Frass verspreid. Verpopping buiten de mijn.

mine Mine begins at a globular, black, lower-surface egg shell. From there starts a short tortuous corridor, that widens into a blotch, often between two lateral veins. Frass dispersed. Pupation outside the mine.

waardplanten: Betulaceae, vrijwel monofaag

hostplants: Betulaceae, nearly monophagous

Betula nana, pendula, pubescens, pubescens subsp. carpatica.

Bovendien in de Alpen, zeldzaam, op Alnus viridis en in de Britse Eilanden op Corylus avellana.

Moreover in the Alps rarely on Alnus viridis and in the British Isles on Corylus avellana.

fenologie Meeste larven van juli tot midden augustus, enkele nog in september (Emmet, 1976a).

phenology Most larvae from July till mid-August, some as late as September (Emmet, 1976a).

BENELUX

BE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

BENELUX

BE not recorded (Fauna Europaea, 2009).

NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX not recorded (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa Van Scandinavië en Noord-Rusland tot de Pyreneeën en Italië, en van Ierland tot Slowakijë (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe From Scandinavia and nothern Russia to the Pyrenees and Italy, and from Ireland to Slovakia (Fauna Europaea, 2009).

larve Geel met lichtbruine kop, ligt op z'n rug in de mijn. Jonge larven met een rij van 12 zwarte ventrale platen (van Nieukerken, 1985a). Zie Gustafsson & van Nieukerken (1990a) voor een beschrijving.

larva Yellow with light brown head, lies belly-up in the mine. Young larvae with a series of 12 black ventral plates (van Nieukerken, 1985a). See Gustafsson & van Nieukerken (1990a) for a description.

synoniemen Ectoedemia mediofasciella auct.; Ectoedemia, Stigmella, woolhopiella (Stainton, 1887); St. viridicola Weber. 1937.

synonyms Ectoedemia mediofasciella auct.; Ectoedemia, Stigmella, woolhopiella (Stainton, 1887); St. viridicola Weber. 1937.

literatuur

references

Ahr (1966a), Baldizzone (2004a).Bengtsson (2008a), Borkowski (1969a), Buszko (1987a), J Černý (2001a), Diškus, Navickaitė & Stonis (2011a), Emmet (1971a, 1983a), Gielis, Huisman, Kuchlein, van Nieukerken, van der Wolf & Wolschrijn (1985a), Gustafsson (1985a), Gustafsson & van Nieukerken (1990a), Haase (1942a), Hering (1927b, 1957a), Huisman ao (2001a), Johansson ao (1990a), Klimesch (1948a, 1950c), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Kuchlein-Nijsten (2002a), Laštuvka & Laštuvka (1997a), Navickaitė, Diškus & Stonis (2011a), van Nieukerken (1982a, 1986a), van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2006a, 2010a), Robbins (1991a), Schütze (1931a), Skala (1939a), Sønderup (1949a), Steuer (1995a), Viramo (1962a), Zoerner (1969a).

17/11/2014