Rubus fruticosus, Duin en Kruidberg

Rubus fruticosus, Duin en Kruidberg
detail

detail
mijn Ei aan de onderzijde van het blad. Vandaar een sterk gekonkelde gang, die uiteindelijk sterk verwijd is. Frass in tweede deel van de mijn verspreid liggend. De larve ligt ruggelings in de mijn. Meestal een aantal mijnen in een blad.
mine Egg at the underside of the leaf. The mine is a highly contorted gallery, strongly widening towards the end. Frass in the second half of the gallery dispersed. The larve mines venter upwards. Mostly several mines in a leaf.
waardplanten: Rosaceae, monofaag
hostplants: Rosaceae, monophagous
Rubus arcticus, caesius, chamaemorus, fruticosus, saxatilis.
Lijkt niet op te treden bij R. idaeus (Johansson ea, 1990a) (maar zie Maček, 1999a).
Op een aantal plaatsen in Nederland waar E. rubivora talrijk optrad zijn lege mijnen gevonden op Agrimonia eupatoria die sterk leken op die van E. rubivora; het waren beslist geen mijnen van E. agrimoniae, een soort die uit Nederland niet bekend is (van Nieukerken ea, 2010a).
Apparently not on R. idaeus (Johansson ao, 1990a) (but see Maček, 1999a)
At several sites in the Netherlands where E. rubivora was common, vacated mines have been found on Agrimonia eupatoria that strongly resembled those of E. rubivora; they certainly did not belong to E. agrimoniae, a species that does not occur in the Netherlands (van Nieukerken ea, 2010a).
fenologie Larven in eind september-october.
phenology Larvae in late September and October.
BENELUX
BE waargenomen (Phegea, 2009).
NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).
LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).
BENELUX
BE recorded (Phegea, 2009).
NE recorded (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).
LUX not recorded (Fauna Europaea, 2009).
verspreiding binnen Europa Van Fennoscandia tot de Pyreneeën, Italië en Servië, en van Ierland tot Centraal Rusland en de Ukraïne (Fauna Europaea, 2009).
distribution within Europe From Fennoscandia to the Pyrenees, Italy, and Serbia, and from Ireland to Central Russia and the Ukraine (Fauna Europaea, 2009).
literatuur
references
Bengtsson (2008a), Borkowski (1969a), Buhr (1936a), Buszko & Baraniak (1989a), Drăghia (1968a), Emmet (1983a), van Frankenhuyzen & Houtman (1972a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Gustafsson & van Nieukerken (1990a), Hartig (1939a), Hering (1957a), Huber (1969a), Huemer (1985a, 1988a), Johansson ao (1990a), Kasy (1965a), Klimesch (1936a, 1950c), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), A & Z Laštuvka (1997a), Maček (1999a), Michalska (1970a, 1972a, 1976a), van Nieukerken (1985a, 1986a, 2006a), van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2006a, 2010a), Popescu-Gorj & Drăghia (1968a), De Prins (1998a), Robbins (1991a), Skala (1939a, 1951a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Steuer (1995a), Szőcs (1977a), Ureche (2010a), Zoerner (1969a).
12/04/2012