Ectoedemia suberis (Stainton, 1869)

Lepidoptera, Nepticulidae

Quercus cocifera, Griekenland, Rhodos; uit Klimesch (19789b)

Ectoedemia suberis mine

Quercus cocifera, Greece, Rhodes; from Klimesch (19789b)

mijn Ei opp de bovenzijde van het blad. De mijn is een smal, met frass gevuld gangetje dat zich plotseling verbreedt tot een grote, ovale, bovenzijdige blaas, met de frass in het begindeel en langs de zijden.

mine Egg at the upperside of the leaf. The mine is a narrow corridor, filled with frass, that abruptly widens into a large, oval, upper-surface blotch with frass concentrated in its basal part and along the sides.

waardplanten: Fagaceae, monofaag

hostplants: Fagaceae, monophagous

Quercus coccifera, ilex, ilex subsp. rotundifolia, suber.

Naast deze wintergroene eiken mogelijk ook op de half-wintergroene Q. faginea.

Next to these evergreen oaks possibly also on the semi-evergreen Q. faginea.

fenologie De larven zijn actief in de winter, van ongeveer januari tot maart; na het verlaten van de mijn brengen ze, als larve of pop, in een cocon de zomer door.

phenology The larvae are active in winter, from about Janury till March; after having left the mine they aestivate as larva or pupa in a cocoon.

verspreiding binnen Europa Zuid-Frankrijk, Iberia, Corsica, Sardinië (Fauna Europaea, 2009).

distribution within Europe Southern France, Iberia, Corsica, Sardinia (Fauna Europaea, 2009).

larve Vuilgroen, met opvallende bruine ganglia; ventrale platen ontbreken.

larva Dirty green, with conspicuous brown ganglia; ventral plates absent.

synoniemen Nepticula, Stigmella suberis; Nepticula, Stigmella viridella Mendes, 1910.

synonyms Nepticula, Stigmella suberis; Nepticula, Stigmella viridella Mendes, 1910.

literatuur

references

Hering (1934a, 1936b, 1957a), Klimesch (1978b), A & Z Laštuvka (1997a, van Nieukerken (1985a, 1986a), van Nieukerken, A & Z Laštuvka (2004a, 2006a, 2010a), Skala (1939a), Triberti & Braggio (2011a).

18/10/2014