Elachista diederichsiella E Hering, 1889

Lepidoptera, Elachistidae

mijn De mijn daalt af van vlak onder de bladtop. Aanvankelijk is het een smal gangetje maar dit verbreedt zich plotseling tot een brede, wittige, sterk opgeblazen Phyllonorycter-achtige mijn die aan weerszijden van het blad zichtbaar is. De gehele mijn is 2-3 cm lang. Vaak bevat de mijn 2-4 larven. Frass onregelmatig verspreid in de hele mijn. Verpopping buiten de mijn.

mine The mine descends from just below the leaf tip. It begins as a narrow corridor, that widens abruptly into a broad, withish, strongly inflated Phyllonorycter - like blotch that is visible at both sides of the leaf. The entire mine is 2-3 cm long. Often 2-4 larvae in a mine. Frass irregularly distributed in the entire mine. Pupation external.

waardplanten: Poaceae, oligofaag

hostplants: Poaceae, oligophagous

Holcus mollis; Milium effusum.

Milium lijkt de belangrijkste waardplant te zijn (volgens Hering is het zelfs de enige).

Milium seems to be the most important hostplant (according to Hering even the only one).

fenologie Larven in april-mei (Traugott-Olsen & Nielsen, 1977a).

phenology Larve in April - May (Traugott-Olsen & Nielsen, 1977a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2010).

BENELUX

Not known from the Benelux countries (Fauna Europaea, 2010).

verspreiding binnen Europa Van Fennoscandia en Noord-Rusland tot de Pyreneeën, Alpen en Karpaten, en van Franrkijk tot Centraal Rusland (Fauna Europaea, 2010).

distribution within Europe From Fennoscandia and North Russia to the Pyrenees, Alps and Carapathians, and from France to Central Russia (Fauna Europaea, 2010).

larve Lichaam vuil geelgroen, naar achteren meer geel; kop en prothoracale plaat donkerbruin.

larva Body dirty yellowish green, posteriorly more yellowish; head and prothoracic plate dark brown.

pop Glanzend geelbruin, lengterichels grijzig; zie Patočka (1999a), Patočka & Turčáni (2005a), voor een beschrijving.

pupa Shining yellowish brown, longitudinal ridges greyish; see Patočka (1999a), Patočka & Turčáni (2005a), for a description.

literatuur

references

Buhr (1935b), Buszko (1990a), Hering (1957a), Parenti & Varalda (1994a), Patočka (1999a), Patočka & Turčáni (2005a), Sønderup (1949a), Sruoga & Ivinskis (2005a) , Traugott-Olsen & Nielsen (1977a).

11/12/2011